Jongeren welkom 2

Waarom de jonge generatie niet de barricades op gaat


'Een serie crisissen tekenen deze jaren het wereldtoneel, en raken jongeren specifiek. Het beeld heerst dat het minder zal worden; jongeren krijgen het nooit meer zo goed als hun ouders. Van verontwaardiging lijkt hierover onder jongeren in Nederland nauwelijks sprake - behalve misschien over pensioenverdelingen. In het algemeen laat de huidige Generatie Y zich weinig in het publieke domein horen. Betekent dit dat maatschappelijk engagement en idealisme bij hen ontbreken? Dat is niet het geval, zoals een project als FutureFuel en de jongeren van een ander initiatief van Anne, de Duurzame Jonge 100, laten zien. Maar hoe komt het dat jongeren niet een meer prominente rol in het publieke debat spelen? En hoe kan hun inbreng in de maatschappij versterkt worden?'
 
Emilie Röell (25), coauteur van Jongeren Welkom, zoekt in de allereerste gastblog op deze site antwoorden op deze vragen en plaatst het FutureFuel project en de Duurzame Jonge 100 in een trend van nieuw maatschappelijk engagement.
 
Een kil welkom in de samenleving
'Tom is een goede vriend van mij, met wie het momenteel niet zo goed gaat. We kennen elkaar sinds het begin van onze studietijd in Utrecht, waar Tom altijd bekend stond als een nieuwsgierige, gemotiveerde, ambitieuze jongen. Hij maakt anderen vaak een beetje onzeker met zijn nauwkeurig geplande cv en toekomst: naast zijn studie Internationale Betrekkingen ondernam hij allerlei activiteiten en elke zomervakantie had hij ergens in de wereld weer een interessante stageplek bemachtigd. Inmiddels, 3 jaar na zijn afstuderen, is Tom nog steeds bezig met het bemachtigen van interessante stageplekken. Een echte baan lukt maar niet. Bovendien weet hij niet zeker wat voor soort baan het beste bij hem zou passen, en wat echt van waarde is in onze complexe wereld vol crisissen. Tom piekert veel, en voelt zich zo langzamerhand knap waardeloos. Hij vraagt zich voortdurend af of hij niet een meer concrete studie had moeten kiezen. Hij denkt dat hij nog harder had moeten werken. Soms denkt hij dat hij maar beter meubelmaker kan worden; het nut van zulk werk is tenminste duidelijk….
 
Tom’s situatie klinkt veel mid-twintigers ongetwijfeld bekend in de oren. Onze generatie treft na het afronden van een opleiding een arbeids- en huizenmarkt die een stuk minder verwelkomend is dan waar we tijdens onze studietijd op anticipeerden. En in bredere zin vindt onze intrede in de maatschappij plaats tegen de achtergrond van een discours van achteruitgang, somberheid en frustratie. De economische crisis, de discussies over het project Europa en klimaatverandering zijn deze jaren sfeerbepalend. Het is niet verrassend dat dit velen, zoals Tom, onzeker maakt en een gevoel van betekenis- of richtingloosheid geeft. Veel jongeren vandaag de dag gaan zo rond hun vijfentwintigste door een moeilijke periode heen.
 
Privéprobleem versus publieke kwestie
Opvallend vind ik de afwezigheid van verontwaardiging over de ongunstige situatie op de arbeids- en huizenmarkt en andere wereldproblemen onder jongeren. Waar in andere Europese landen jongeren de afgelopen jaren boos de straat op gingen, zijn demonstraties of politieke acties door jongeren in Nederland zeldzaam. Op het eerste gezicht lijkt dat zonde, want daarmee ontbreekt in onze samenleving een gezond stukje tegenkracht.
 
Op zoek naar verklaringen voor de problemen van jongeren en hun zwakke inmenging in het publieke debat, interviewde ik samen met professor Herman van Gunsteren het afgelopen jaar een serie twintigers en een serie zeventigers. Ik interviewde de ouderen, Herman de jongeren, en samen schreven we vervolgens het boek Jongeren Welkom.
 
Wat we zagen is dat weinig jongeren van vandaag problemen rondom hun intrede in de maatschappij in verband met maatschappelijke omstandigheden brengen. In tegenstelling tot de vorige generaties jongeren, zien veel jongeren het uitblijven van kansen eerder als privé probleem dat ze zelf moeten oplossen dan als publieke kwestie waarvoor aandacht mag bestaan. Ze zien daarom weinig nut in het beklimmen van barricades, en zoeken hun heil ook niet in het publieke debat. Liever doen ze aan grondig zelfonderzoek, proberen ze beter te kiezen, en werken ze harder. Voor Generatie Y, zo werd ons duidelijk, is individuele keuzestress en de strijd om een eervolle en betekenisvolle positie te bemachtigen urgenter dan verzet tegen gangbare denk- en handelswijzen en publieke discussie daarover.
 
Mogelijke verklaringen
In Jongeren Welkom verkennen we een aantal mogelijke verklaringen voor deze privé-opstelling van jongeren. Wat we denken is dat het in eerste instantie voor jongeren van vandaag de dag moeilijker is om maatschappelijke oorzaken aan te wijzen voor een probleem als werkeloosheid. In de laatste decennia is het besef gegroeid dat de maatschappij een stuk ondoorzichtiger, complexer en onbestuurbaarder is dan eerder verondersteld. Bovendien heerst er een algeheel pessimisme en gelatenheid over de richting van de wereld. Ook dat maakt inmenging in het publieke debat een stuk minder aantrekkelijk. Veel jongeren richten zich wellicht liever op wat ze wel weten, op wat ze wel kunnen bevatten en waar ze wel invloed op hebben, namelijk dat wat zich afspeelt in hun eigen leven.
 
Met de vrijere opvoeding in de laatste decennia van de vorige eeuw is het bovendien diffuser geworden waartegen je eventueel verzet zou kunnen richten. Vroeger stond de betekenis van veel zaken in het leven immers vast. Althans, er was een standaard- of defaultoptie die je volgde, tenzij je echte drang had om je daartegen te verzetten en een eigen weg te gaan. Tegenwoordig staat zo ongeveer alles op losse schroeven, en is alles in principe je eigen keuze. Grootgebracht door een generatie optimistische Babyboomers, heeft Generatie Y een sterke nadruk op eigenheid, keuzevrijheid, en de individuele taak deze te realiseren meegekregen. Verzet is voor hen geen urgente aangelegenheid; want wanneer niemand je wat wilt opdringen, is verzet niet nodig, toch?
 
De disciplinerende werking van kiezen
Dat is interessant, want van vrij kiezen gaat als zodanig een disciplinerende werking uit die je gemakkelijk over het hoofd ziet. In tegenstelling tot soevereine macht, die de Franse filosoof en geschiedkundige Michel Foucault beschreef als een zichtbare macht van bovenaf waarvan de bron gemakkelijk is aan te wijzen, is disciplinaire macht veel subtieler (‘Two lectures’ in Power/Knowledge, Pantheon, 1980). Disciplinaire macht komt overal vandaan, ook van mensen in de samenleving zelf. Via disciplinering worden normen aangeleerd en geïnternaliseerd tot eigen waarden. Precies dat is wat de keuze is geworden. Met waarden als individuele autonomie en vrijheid in het achterhoofd leggen we onszelf toe op goed kiezen, en dringen andere mensen verstandig kiezen op. Zodoende blijft buiten zicht welke maatschappelijke orde en machtsverhoudingen door het keuzeritueel worden ondersteund, waardoor politiek ageren niet voor de hand ligt.
 
Een gerelateerd punt is de afwezigheid van een generatiegevoel: de nadruk op de individuele keuze zorgt naar ons idee behalve voor verwarring en vermoeiing ook voor een afgenomen groepsgevoel onder jongeren. Alhoewel de meeste jongeren de vergelijkbaarheid van de situatie van hun leeftijdgenoten wel zien, lijkt de onderlinge cohesie of solidariteit niet heel groot. Velen trekken zich liever terug bij een paar vrienden en familie, bij wie ze steun vinden. Aandacht voor het privédomein is groter, wat bijdraagt aan de afwezigheid van organisatie onder jongeren.
 
Onzekere ‘eager beavers’ of de avant-garde van een nieuw maatschappelijk engagement?
In de interviews met de serie ouderen verbaasden deze zich over de braafheid van de jonge generatie. ‘Eager beavers’ noemde Arthur Docters van Leeuwen ze in het interview. Wie gaat er na zijn zestiende nog met zijn ouders op vakantie? zo verbaasde Pearl Dykstra zich. Alexander Rinnooy Kan vermoedde een gebrek aan incassovermogen onder jongeren, dat te maken heeft met de vrije opvoeding die velen kregen. Andere stemmen buiten het boek gaan nog veel verder en vinden jongeren ronduit egocentrisch, lui en gemakzuchtig.
 
Het moge misschien zo zijn dat jongeren veel tijd aan zichzelf besteden; veel verwijt kunnen we ze daarvan niet maken als zij thuis en op school reeds op jonge leeftijd waarden als zelfstandigheid en zelfbewustzijn meekrijgen. Ronduit negatief commentaar is bovendien weinig constructief voor de jongeren die vaak vastlopen in hun solitaire strijd, alsook voor de samenleving wier frisse tegenkracht knakt.
 
Zoals Kees Schuyt benadrukte tijdens het interview, is het belangrijk om problemen rondom volwassenwording niet volledig te privatiseren en psychologiseren. Het vermogen om privéproblemen in publieke kwesties te vertalen, en vice versa; de verbeeldingskracht die in staat is om individuele levens in verband te zien met de structuur en geschiedenis van de eigen samenleving; is voor de bekende Amerikaanse socioloog Charles Wright Mills de essentie van de sociologische verbeeldingskracht en niet alleen een taak voor sociologen, maar ook een kritisch vermogen dat jongeren zou kunnen sterken. Goed onderwijs alsook meer contact met ouderen zijn dingen die daartoe bijdragen. Niet alleen helpt contact met ouderen bij het ontwikkelen van een meer diepgaand inzicht in de specifieke omstandigheden van de eigen generatie, zulk contact draagt ook bij aan een reëlere blik op de levenscyclus.
 
Ouderen kunnen nog meer betekenen. Zij zouden jongeren actiever kunnen betrekken bij wat ze doen; ruimte voor ze maken in de samenleving en ze begeleiden maar ook verantwoordelijkheid met rugdekking geven. Zoals Arthur Docters van Leeuwen benadrukte; ‘Geef jongeren het gevoel dat wie ze zijn en wat ze doen er toe doet, dat is het allerbelangrijkste.’
 
Daarnaast is het belangrijk dat ouderen oog hebben voor de nieuwe vormen van politieke betrokkenheid van jongeren, en wellicht zelfs platforms creëren en ondersteunen waar jongeren echt onafhankelijk kunnen experimenteren en opereren. Ideeën en energie zijn er wel onder jongeren, maar deze worden op andere manieren geuit dan ouderen gewend zijn. Uitdaging is om er bij jongeren naar op zoek te gaan, ze aan te moedigen, en risico’s durven nemen. Het huidige engagement dat door ouderen gefaciliteerd wordt is vaak aardig corporatistisch en komt niet zelden met de prijs van assimilatie.
 
Het FutureFuel project, alsook de initiatieven van de genomineerden voor De Duurzame Jonge 100, getuigen allen van de eigenheid en kracht van jongeren, en verdienen aandacht en steun. Zoals in het geval van FutureFuel, zijn ze het uiteindelijke resultaat van jongeren die via de gebaande paden hun weg niet konden of wilden vinden. In plaats daarvan creëerden ze iets nieuws. Fora als FutureFuel en het netwerk van De Duurzame Jonge 100 vergroten bovendien de zichtbaarheid van de vernieuwingskracht van jongeren, en faciliteren uitwisseling onder jongeren en tussen jong en oud. Dat draagt bij aan inzicht, zelfvertrouwen, en innovatie.
 
Aan het eind van ons boek schrijven Herman en ik: “In onze tijd leeft alom het besef dat we er met de gevestigde vormen van politiek bedrijven niet meer uit komen. Zo bijvoorbeeld in de Europese Unie. Het oude werkt niet meer goed genoeg en het nieuwe moet nog worden uitgevonden. Wij bevinden ons, met de informatisering en globalisering, midden in zo’n onzekere overgangssituatie. De industriële revolutie, met zijn nieuwe productiekrachten en productieverhoudingen, deed het oude regime, met zijn standen, gildes en koningen, uit zijn voegen barsten. In onze tijd, met de informatierevolutie, staan we ook aan het begin van omwentelingen die de gevestigde structuren van democratische politiek niet onberoerd zullen laten. In het bemannen en uitvinden van nieuwe vormen van politiek zouden de twintigers wel eens een veel grotere rol kunnen spelen dan ze nu lijken te doen.”
 
Tot slot
Jongeren mogen dan wel niet de barricades op gaan, actief zijn ze wel en hun initiatieven verdienen aandacht en steun. Voor de zoekende jongeren hoop ik ondertussen dat ze vasthouden aan hun idealisme maar daarbij meer oog hebben voor maatschappelijke omstandigheden. Je bent een belangrijke speler in je eigen leven maar niet de enige; neem goed kiezen en falen daarom niet al te serieus en onderken toeval en geluk. Wissel uit met elkaar en met ouderen, en grijp kansen wanneer deze zich voordoen in plaats van ze piekerend voorbij te laten gaan!'
 
Foto: copyright CMRB
 

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *